gemeentekrant delft



‘Een ontwerp moet een ontmoeting zijn’

Mahasti Tafahomi van architectenbureau Nilofar: “Veel landen – ook Nederland – beschouwen architectuur als een luxeproduct. Er wordt soms vergeten dat de ruimte vooral bruikbaar moet zijn. Maar het is als met een tas: is die niet goed, dan gooi je ‘m vroeg of laat weg. Een architect moet eerst en vooral luisteren naar wat de opdrachtgever wil, wat hij nodig heeft. En het dan vertalen in wat technisch en financieel mogelijk is.”

“In Delft ontmoeten oude en nieuwe architectuur elkaar. Juist de ontmoeting boeit me enorm. Ik heb, naar aanleiding van een ontwerpwedstrijd van de gemeente, een ontwerp gemaakt voor een nieuwe bestemming voor boerderij Abtswoude 40.
In het door mij ingezonden ontwerp blijft het historische voorhuis in stand en wordt iets uitgebreid. De stallen worden opnieuw gebouwd met drie verticale elementen in de gevel. Een ontwikkelaar heeft de opdracht gekregen. Maar wat opvallend is: met mijn ontwerp.”
Reken maar dat ik daarover nog met de gemeente in gesprek ben.”

“Voorbeelden van wat in Delft goed gelukt is? De Markt. Als je er overheen loopt lijkt het of je op een Italiaanse plaza staat. Het is vlak, echt een pakkend ontwerp.
En het pand met de glazen gevel op de Vlamingstraat. Het staat tussen historische panden, maar het transparante maakt de overgang heel mooi.
Als je me vraagt naar dingen die ik in Delft mis, dan denk ik in eerste instantie aan de Tramlus in Tanthof. Iedereen verdwaalt in de wijk. Er is een bureau aangesteld om meer bewegwijzering aan te brengen, maar volgens mij waren er minder borden nodig geweest wanneer gekozen was voor één hoog oriëntatiepunt. Vergelijk het met een kerktoren: die vertelt je waar je bent. Ik heb een ontwerp gemaakt voor zo’n gebouw, een druppel, in de Tramlus. Maar het is de bewegwijzering geworden. En elke keer als ik er loop dan mis ik iets. Een accent, leven in de brouwerij.”

“Had ik de vrije hand, dan zou ik vandaag nog in Harnaschpolder aan de slag gaan. De huizen die gebouwd gaan worden zijn gestoeld op de technologie van veertig jaar terug. Ik zou kiezen voor huizen met de technologie van nu, in samenwerking met de TU. ‘Delft Kennisstad’ in de Harnaschpolder: al was het maar een klein stukje van de wijk! En een ander idee: één ontmoetingscentrum voor alle bewoners. Met een buurthuis, een klaverjasruimte voor ouderen, een synagoge, een kerk, een moskee, een peuterspeelzaal… En op feestdagen worden alle schuifwanden opengeschoven en ontstaat er één enorme ruimte. Hoe dat dan moet met het symbool op de dakpunt? Misschien verschillende, om beurten zichtbaar gemaakt - met laserstralen bijvoorbeeld. Of wordt het eens tijd voor een nieuw, gezamenlijk symbool?”

geschreven door: Anne-Margot van Eijck in de gemeentekrant Delft.